Ik heb de afgelopen dagen een stuk of tien keer dezelfde vraag gekregen, en het kwam elke keer op hetzelfde neer: hoeveel scheelt elektrisch rijden nu eigenlijk, met deze benzineprijzen? De aanleiding is duidelijk. AutoWeek meldde op 3 september dat de prijzen van benzine en diesel met een rotgang blijven stijgen, en een dag later ging de gemiddelde landelijke adviesprijs voor het eerst door de grens van 2,70 euro per liter.
Ik heb er een middag voor gaan zitten en de rekensom gemaakt die ik zelf zou willen zien: kosten per 100 kilometer, met de prijzen van vandaag, voor benzine, diesel, thuisladen en snelladen. Geen jaartotaal met afschrijving en verzekering erin verstopt, want dan verdwijnt het verschil dat je wilt zien. Gewoon: wat kost het om honderd kilometer te rijden.
Wat er aan de pomp gebeurt
De cijfers komen van consumentencollectief United Consumers, dat de gemiddelde landelijke adviesprijs berekent uit de prijzen van de vijf grootste oliemaatschappijen: Shell, BP, TotalEnergies, Texaco en Esso. Op 3 september stond een liter Euro 95 (E10) op 2,692 euro, een record. Op 4 september ging diezelfde adviesprijs naar 2,704 euro. Diesel volgde met 2,681 euro per liter en zit daarmee in de buurt van het dieselrecord van 2,819 euro uit april.
Belangrijk detail: dat is de adviesprijs, en die kom je vooral tegen langs de snelweg. AutoWeek schrijft er nuchter bij dat je lokaal vaak een stuk goedkoper tankt. Wie langs een onbemand station in de polder rijdt, betaalt makkelijk zeventig cent per liter minder. Reken dus met jouw eigen bonnetje als je die hebt, en gebruik de adviesprijs als bovengrens.
De rekensom per 100 kilometer
Voor de stroomkant gebruik ik de tarieven van Milieu Centraal, dat voor 2026 rekent met ongeveer 24 cent per kWh thuis, 49 cent bij een openbare laadpaal en 70 cent bij een snellader. Het verbruik van een elektrische auto ligt in de praktijk tussen de 15 en 20 kWh per 100 kilometer, iets wat we hier eerder al uitzochten in het stuk over het normale verbruik van 15 tot 20 kWh per 100 km. Ik reken hieronder met 17 kWh, het midden van die bandbreedte, voor een gezinsauto van de maat van een Kia Niro of Volkswagen ID.4.
Voor benzine en diesel neem ik een middenklasser die één op vijftien loopt (6,7 liter per 100 kilometer) en een diesel die 5,5 liter per 100 kilometer gebruikt. Dat zijn aannames, geen metingen, dus vervang ze door je eigen boordcomputer als je die kent.
| Manier van rijden | Prijs per eenheid | Kosten per 100 km |
|---|---|---|
| Benzine (6,7 l/100 km) | 2,704 euro per liter | 18,12 euro |
| Diesel (5,5 l/100 km) | 2,681 euro per liter | 14,75 euro |
| Snelladen (17 kWh/100 km) | 0,70 euro per kWh | 11,90 euro |
| Openbare laadpaal | 0,49 euro per kWh | 8,33 euro |
| Thuisladen | 0,24 euro per kWh | 4,08 euro |
Het verschil tussen de bovenste en de onderste regel is 14 euro per 100 kilometer. Bij 15.000 kilometer per jaar, ongeveer wat Milieu Centraal aanhoudt voor een gemiddelde autorijder, komt dat neer op 2.718 euro benzine tegen 612 euro stroom. Ruim tweeduizend euro per jaar, alleen aan brandstof.
Alleen: bijna niemand laadt honderd procent thuis. Reken je met tachtig procent thuis en twintig procent snelladen, dan kost 100 kilometer 5,64 euro en betaal je op jaarbasis zo’n 846 euro. Nog altijd een verschil van bijna 1.900 euro met benzine, maar het is een eerlijker getal dan de mooiste variant.
Waar de winst kleiner is dan hij lijkt
Twee dingen halen de scherpe randjes van die rekensom af, en ik vind dat je die erbij moet noemen.
Het eerste is snelladen. Als je geen eigen laadpunt hebt en structureel langs de snelweg laadt, wordt het beeld heel anders. Bij Fastned staat de standaardprijs op 77 cent per kWh; met het Gold Member-abonnement van 5,99 euro per maand betaal je 54 cent. Op 17 kWh per 100 kilometer is dat 13,09 euro tegen 9,18 euro. Het verschil met benzine krimpt dan van veertien euro naar vijf euro per 100 kilometer, en dat abonnement verdien je pas terug als je genoeg laadt. In thuis laden of snelladen zetten we die twee eerder al naast elkaar.
Het tweede is de motorrijtuigenbelasting. Elektrische rijders betalen dit jaar niet langer niets: de korting is afgebouwd en de MRB voor elektrische auto’s staat in 2026 op 70 procent van het reguliere tarief. Een zware accu weegt letterlijk mee in die rekening. Dat vreet een deel van je brandstofwinst op, en wie alleen naar de laadpaal kijkt, komt op de blauwe envelop bedrogen uit.
Wat ik ervan vind
Ik ben er nuchter in: de rekensom valt op dit moment zo duidelijk uit dat je hem niet hoeft op te leuken. Wie een eigen oprit heeft, een laadpunt kan plaatsen en 15.000 kilometer per jaar rijdt, houdt met de prijzen van vandaag zo’n tweeduizend euro per jaar over aan brandstof alleen. Dat is geen marge waar je lang over hoeft na te denken.
Woon je op drie hoog zonder laadpaal in de straat, dan ligt het anders. Dan zit je aan openbare palen of snelladers vast, betaal je twee tot drie keer zoveel per kWh, en wordt de vraag ineens een stuk saaier: hoeveel is stil en schoon rijden je waard, boven op een besparing van vijf euro per 100 kilometer? Dat is een prima antwoord, maar het is niet hetzelfde antwoord.
En één waarschuwing die ik hier vaker geef: reken nooit met de prijs van één dag. De adviesprijs van 2,704 euro is een momentopname en kan volgende maand weer twintig cent lager staan. De stroomprijs beweegt trager, en dat is nu precies waarom thuisladen zo rustig aanvoelt. Je weet ongeveer wat je betaalt, en dat scheelt aan de pomp meer dan een record op het nieuws.



