Smart heeft weer een auto die past bij de naam. Op de autosalon van Parijs stond op 12 oktober de nieuwe Smart #2, een elektrische tweezitter van nog geen 2,75 meter lang. Na jaren van steeds grotere SUV’s keert het merk terug naar waar het ooit mee begon. De vraag die ik meteen had is niet of hij leuk is (dat is hij), maar voor wie zo’n auto in 2026 nog klopt.
Wat Smart heeft laten zien
Volgens AutoWeek is de #2 ruim een meter korter dan de nieuwe Renault Twingo. Achterin zit een elektromotor van 82 pk die de achterwielen aandrijft, goed voor 0 tot 100 km/h in 11,6 seconden en een topsnelheid van 140 km/h. De accu van 35,8 kWh is een LFP-accu en geeft een WLTP-bereik van 290 kilometer. Dat is ruim twee keer zoveel als de laatste elektrische Fortwo, die met een accu van nog geen 18 kWh op 135 kilometer bleef steken.
Ook de bagageruimte groeit. Smart noemt 305 liter, en met de bijrijdersstoel plat past er 527 liter in. De draaicirkel is 6,95 meter van stoep tot stoep, en dat merk je in een oude binnenstad meer dan elk ander getal op de specificatielijst. Smart levert de auto in de uitvoeringen Pure, Pure+ en Premium, plus een Couture Edition waarvan 999 stuks naar Europa komen. Vehicle to load zit standaard op elke versie, net als het rijhulpsysteem Smart Pilot Assist en automatisch grootlicht. Op de Nederlandse site van Smart kun je de uitvoeringen straks naast elkaar zetten.
Bereik en laden in de praktijk
Een WLTP-bereik van 290 kilometer haal je in de winter en op de snelweg niet, dat geldt voor elke elektrische auto. Voor een auto die vooral in de stad rijdt blijft er dan nog steeds ruim genoeg over. Wie dagelijks twintig of dertig kilometer pendelt, laadt hooguit een of twee keer per week.
Laden gaat met 65 kW aan een snellader, van 10 naar 80 procent in ongeveer twintig minuten volgens de fabrikant. Dat is geen hoge piek, maar bij een kleine accu maakt het minder uit dan je denkt. Aan wisselstroom laadt de basisversie met 7,4 kW op één fase. Duurdere versies kunnen 11 kW aan, en dan is de accu in ongeveer drie uur vol. Heb je een eigen laadpaal met 11 kW, dan is dat verschil de moeite waard om naar te kijken.
Voor wie een tweezitter zinvol is
Hier zit voor mij de kern. Een tweezitter is geen kleinere versie van een gewone auto, het is een ander soort keuze. Hij werkt als je auto vooral een vervoermiddel voor één of twee mensen is en je zelden meer dan een paar boodschappentassen meeneemt.
- Stedelingen die een parkeerplek moeten zoeken waar een gewone hatchback niet past.
- Huishoudens met een tweede auto, waarbij de grote auto voor vakanties en de kleine voor alle ritjes in en rond de stad is.
- Forensen met een vaste, korte route en een laadmogelijkheid thuis of op het werk.
- Oudere rijders die makkelijk willen instappen en geen zin hebben in een groot blok blik.
Heb je kinderen of rijd je regelmatig met drie of vier personen, dan is dit niet je auto, hoe charmant hij ook is. Kijk dan eerder naar een kleine vierzitter. Een goed vergelijkingspunt is de nieuwe Dacia Spring, die in dezelfde hoek van de markt zit maar vier zitplaatsen heeft. AutoWeek vraagt zich hardop af welke van de twee uiteindelijk de goedkoopste wordt.
Mijn eerste indruk
Ik vind het goed nieuws dat er weer echt kleine elektrische auto’s komen. De markt is jarenlang opgeschoven naar steeds zwaardere modellen, terwijl een groot deel van de ritten in Nederland kort is. Een auto van rond de 1.100 kilo met een bescheiden accu verbruikt weinig stroom en neemt weinig ruimte in. Smart verwacht de eerste exemplaren eind 2026 te leveren. Wacht wel de eerste rijtesten af voordat je bestelt. Vooral het verbruik op de ringweg en het comfort van de korte wielbasis op klinkers wil ik zelf eerst zien.


