In China komt er weer een lader van meer dan een megawatt bij. Autofabrikant Chery kondigde een systeem van 1,44 megawatt aan dat in vijf minuten 500 kilometer bereik in de accu zet. Electrek schreef er op 22 oktober over, op basis van CarNewsChina, en merkte droog op dat het niet eens het snelste systeem in China is. Dat zegt veel over hoe hard de wedloop daar gaat. De vraag voor ons is vooral of we daar in Nederland ooit iets van merken.
Een wedloop die in seconden wordt gemeten
Laden met een megawatt is in China geen losse aankondiging meer. Meerdere Chinese merken hebben zo’n systeem, en de concurrentie gaat volgens Electrek inmiddels over seconden in plaats van minuten.
| Partij | Wat er gemeld is |
|---|---|
| Chery | Lader van 1,44 MW, 500 km in 5 minuten, 10 naar 97 procent in 6 minuten en 50 seconden |
| CATL | Accu die in 6 minuten en 27 seconden 97 procent bereikt, het snelste tot nu toe |
| BYD | Lader van 1,5 MW, er staan er al 10.000 |
| Geely | Lader van 2,2 MW aangekondigd |
| FAW, Geely en BYD | Tussen 8 en 9 minuten tot 97 procent |
Alle cijfers komen van Electrek en CarNewsChina (oktober 2026) en zijn opgaven van de fabrikanten zelf. Chery wilde geen tijden noemen voor laden bij grote kou of hitte. Wel zei het merk dat 500 kilometer in acht minuten ook in minder gunstige omstandigheden lukt. Chery begint pas met bouwen. Er komen eerst honderd laders in tien Chinese steden, en in 2029 wil het merk wereldwijd 20.000 stations hebben.
Wat vijf minuten van de accu vraagt
Een korte rekensom maakt duidelijk hoe extreem dit is. Stel dat een auto 18 kWh per honderd kilometer verbruikt. Dan is 500 kilometer bereik zo’n 90 kWh. Wie dat in vijf minuten in de accu wil krijgen, heeft gemiddeld ruim 1.000 kW nodig. Een laadpaal thuis van 11 kW doet over diezelfde 90 kWh ruim acht uur.
Dat kan alleen met een accu die daarvoor gebouwd is. Bij zo veel vermogen ontstaat veel warmte, en de accu moet die stroom kunnen opnemen zonder sneller te verslijten. Chery zegt dat zijn systeem het laadvermogen aanpast aan de temperatuur in de accu, om de laadsnelheid en de gezondheid van de cellen te bewaken. Hoe dat na honderden snelle laadbeurten uitpakt, weet nog niemand. Daarom hebben deze laders ook alleen zin voor auto’s die erop zijn ontworpen. Een gewone EV haalt aan zo’n paal gewoon zijn eigen maximum, en dat ligt bij de meeste auto’s in Nederland ver onder de megawatt.
Ter vergelijking schrijft Electrek dat de snelste openbare laders in Amerika rond de 400 kW zitten. Langs de Nederlandse snelwegen leveren de snelste laders ook een paar honderd kilowatt, zoals ik beschreef bij de Atto 8 van BYD.
Waar het in Nederland vastloopt
Het grootste obstakel zit niet in de auto maar in het stroomnet. Een station met een paar van zulke laders vraagt een aansluiting van meerdere megawatt. Juist zo’n zware aansluiting is in Nederland moeilijk te krijgen. Volgens de voortgangsbrief over netcongestie van het kabinet stonden er op 31 december 2025 ruim 15.000 aanvragen van grootverbruikers in de wachtrij bij de regionale netbeheerders, ongeveer duizend meer dan een half jaar eerder.
BYD lost dat bij zijn flitsladers op met een grote buffer-accu in het laadstation, die tussen de laadsessies door rustig wordt bijgeladen. Dan hoeft het net niet de volle megawatt te leveren. Dat maakt zulke stations ook voor Nederland denkbaar, maar het maakt ze wel duurder en het beperkt hoeveel auto’s er achter elkaar snel kunnen laden. Daarbij speelt dat de laadplekken langs de snelweg de komende jaren opnieuw worden geveild, wat ik uitlegde in mijn stuk over de veiling van snelladers langs de snelweg. Een nieuwe partij die een kavel wint, heeft niet vanzelf een zware aansluiting.
Wanneer merk je er hier iets van?
Mijn verwachting is dat megawattladen in Nederland de komende jaren een uitzondering blijft. BYD bouwt de eerste flitsladers in Europa, maar het gaat voorlopig om tientallen tot honderden stations op een heel continent. Andere Chinese merken moeten er in Europa nog mee beginnen.
Dat hoeft geen probleem te zijn. Voor wie thuis of op het werk laadt, maakt het weinig uit of een snellaadstop twintig of vijf minuten duurt, omdat je dat maar een paar keer per jaar doet. Het verschil zit bij taxi’s, bezorgers en mensen die veel lange ritten maken. Voor hen kan een station dat in vijf minuten volgooit het verschil maken tussen elektrisch rijden en tanken. En voor iedereen laat deze wedloop zien dat laadtijd over een paar jaar geen argument meer is tegen een elektrische auto. Het wachten is op het net, niet op de techniek.


