De elektrische Range Rover is misschien wel de beste Range Rover ooit. Dat is de conclusie van Brett Berk, die de auto voor InsideEVs een dag en een nacht door het Schotse binnenland reed. Zijn rijtest verscheen op 22 oktober, en voor iemand die zelf een Range Rover uit 1990 heeft staan, is dat een opvallend oordeel.
Wat hij beter doet dan de benzineversie
Berk legde in 36 uur ongeveer 725 kilometer af, op de weg en ver daarbuiten. Drie dingen springen eruit.
Het eerste is de stilte. Land Rover claimt bij hard optrekken zeven decibel minder geluid dan in de benzineversies, en de auto speelt geen nepgeluid af, behalve bij flink accelereren in de sportieve stand. Berk vindt dat een verademing, en ik ben het met hem eens. Wie stilte koopt, wil geen synthetisch motorgeluid.
Het tweede is het terrein. Waar je in een benzine-Range Rover zelf moet schakelen tussen versnellingen en sperren, kies je hier gewoon de stand voor waden en rijd je het water in. Berk reed door een stroom van bijna een meter diep, met de accu van 118,5 kWh volledig onder water, zonder storingen. Het tractiesysteem reageert volgens Land Rover honderd keer sneller dan bij de benzineversie, omdat de software de twee elektromotoren direct aanstuurt.
Het derde is het rijcomfort. De luchtvering reageert volgens het merk 60 procent sneller dan in de benzineversie. Berk vond de comfortstand op slechte Schotse weggetjes wel te zacht, de dynamische stand beviel hem beter.
Range Rover laat de auto zelf zien in deze officiële video, met beelden van de klassieke eerste Range Rover, de elektrische versie in het terrein en de auto thuis aan de lader.
De Amerikaanse test vertaald naar Europa
De rijtest gebruikt Amerikaanse maten en de Amerikaanse EPA-norm. Voor Nederland zijn de gegevens van de Nederlandse modelpagina van Range Rover bruikbaarder.
| Onderdeel | Volgens de rijtest (VS) | Volgens Range Rover Nederland |
|---|---|---|
| Bereik | Verwacht 333 mijl EPA, zo’n 535 km | Tot 600 km WLTP, geschat 535 km in de praktijk |
| Snelladen | 10 naar 80 procent in 22 minuten | 10 naar 80 procent in 22 minuten aan 350 kW, 220 km in 10 minuten |
| Thuisladen | Niet getest | 0 naar 100 procent in circa 7 uur (22 kW) of 19 uur (7 kW) |
| Accugarantie | Niet genoemd | Acht jaar of 160.000 km |
Opvallend is dat de praktijkschatting van Range Rover zelf vrijwel gelijk ligt aan het Amerikaanse EPA-getal. Dat zag ik eerder ook bij de elektrische Range Rover Sport, die dezelfde accu heeft. Het is eerlijker dan alleen het WLTP-getal noemen.
Is hij echt niet duurder?
Berk schrijft dat je in Amerika niets extra betaalt voor de elektrische versie ten opzichte van de benzineversie. Dat is een Amerikaanse vergelijking. Voor Europa geeft het Duitse meinauto.de een indicatie. Daar begint de EV450 bij 163.500 euro en de EV550 bij 180.100 euro (september 2026), met levering vanaf begin 2027. Op de Nederlandse site kun je de auto reserveren en samenstellen, maar een Nederlandse vanafprijs staat er nog niet bij.
Een paar kanttekeningen maakt Berk zelf ook. De auto weegt ruim drie ton, zo’n 135 kilo meer dan de zwaarste benzineversie, en dat merk je op slecht wegdek. En wie veel lange afstanden rijdt, kan geen jerrycan meenemen. Toch is zijn conclusie helder. Wie de beste Range Rover wil, kiest volgens hem de elektrische. Voor de meeste kopers in deze klasse zal het terrein trouwens nauwelijks een rol spelen, en dan weegt vooral de stilte zwaar. Juist daar is de elektrische versie volgens deze test het sterkst.


