Inhoudsopgave
In 2026 verandert er iets wezenlijks voor eigenaren van elektrische auto’s van de zaak: het bijtellingspercentage van 18% is alleen nog van toepassing op de eerste €30.000 van de cataloguswaarde. Voor het deel dat daarbovenuitgaat betaalt men het standaardtarief van 22%. Deze aanpassing zorgt ervoor dat de fiscale voordelen voor dure elektrische modellen aanzienlijk worden beperkt. Wie een elektrische auto rijdt met een hogere cataloguswaarde ziet zijn bijtelling dus stijgen. Voor gewone verbrandingsmotoren blijft het standaardtarief van 22% gelden over de volledige catalogusprijs. Deze nieuwe regels zijn een belangrijke stap in de overgang naar een eerlijkere fiscale behandeling van verschillende typen auto’s en stimuleren een bewuste keuze bij de aanschaf van een zakelijke auto.
Hoe het bijtellingsysteem werkt voor elektrische auto’s in 2026
De regeling voor elektrische auto’s kent voor 2026 een tweedeling: het lagere tarief van 18% wordt slechts toegekend over de eerste €30.000 van de cataloguswaarde. Voor het bedrag daarboven geldt het reguliere percentage van 22%. Dat betekent dat een elektrische auto met een catalogusprijs van bijvoorbeeld €50.000 over het eerste deel bijtelling betaalt van 18% en over de bovenliggende €20.000 het volle tarief van 22%. Deze systematiek maakt dat de netto bijtelling voor zakelijke rijders fors hoger kan uitpakken als de auto duurder is dan €30.000. Zo betaalt iemand bij een belastingtarief van 37,07% netto circa €303 per maand bij deze voorbeeldauto, bijna twee keer zoveel als wanneer het hele bedrag tegen 18% zou worden belast.
De bijtelling geldt voor 60 maanden vanaf de eerste toelating van de auto, wat betekent dat deze tarieven vijf jaar lang van toepassing zijn. Dit geeft duidelijkheid voor ondernemers en werknemers die een nieuwe elektrische auto aanschaffen. Ze kunnen zo inschatten wat het fiscale effect is.
Geen verlaging meer voor verbrandingsmotoren
De bijtelling voor auto’s met een verbrandingsmotor denk aan benzine-, diesel- en hybrideauto’s blijft in 2026 zoals in voorgaande jaren: 22% over de volledige cataloguswaarde. Er zijn geen kortingen of verlaagde percentages, wat de fiscale situatie rond dergelijke voertuigen eenvoudig en voorspelbaar houdt. Deze groep krijgt op geen enkele wijze een voordeel dat vergelijkbaar is met het speciale regime voor elektrische auto’s, waterstofauto’s of zonnecelauto’s.
Deze consistente toepassing van het standaardpercentage reflecteert een bewuste beleidslijn waarbij de overheid het gebruik van minder duurzame voertuigen financieel ontmoedigt zonder aanvullende prikkels voor luxere modellen of alternatieve aandrijvingen.
Waterstof- en zonnecelauto’s: een uitzondering met volledige korting
Anders dan bij elektrische auto’s geldt voor waterstofauto’s en auto’s die volledig worden aangedreven door geïntegreerde zonnecellen met minstens 1 kilowattpiek vermogen en zonder loodaccu in 2026 een volledig verlaagd bijtellingspercentage van 18% over de hele cataloguswaarde. Daarmee zijn deze voertuigen fiscaal gunstiger behandeld dan elektrische auto’s met een hogere cataloguswaarde die onder de grens van €30.000 uitkomen.
Deze speciale regeling is opvallend, gezien dat dergelijke technologieën vaak nog in een vroeg stadium van ontwikkeling zitten en soms aanzienlijk duurder zijn. De overheid lijkt hiermee extra stimulans te willen bieden voor innovatieve en duurzame aandrijftechnologieën die een stap verder gaan dan de ‘traditionele’ elektrische auto. Wie zegt dat alleen elektrische auto’s een stekker nodig hebben? Sommige zonnecelauto’s lijken de zon als brandstof te gebruiken zonder dat je er ooit een stopcontact voor nodig hebt.
Rekenvoorbeeld illustreert de impact van de grens van €30.000
Een praktisch voorbeeld maakt duidelijk hoe de bijtellingsgrens in 2026 uitpakt. Stel dat je een volledig elektrische auto hebt met een cataloguswaarde van €50.000. Over de eerste €30.000 betaal je 18% bijtelling, wat neerkomt op €5.400 per jaar. Over de resterende €20.000 betaal je het normale tarief van 22%, dat is €4.400 per jaar. Totaal kom je uit op €9.800 jaarlijkse bijtelling. Met een belastingtarief van 37,07% komt dit neer op ongeveer €303 netto per maand aan bijtelling.
Voor elektrische zakelijke rijders betekent dit concreet dat het voordeel van lagere bijtelling snel afneemt bij duurdere modellen. Deze duidelijkheid helpt bij het maken van een bewuste keuze tussen een betaalbare elektrische auto of een luxere uitvoering waarbij de fiscale voordelen sterk afnemen naarmate de waarde toeneemt.
Vooruitblik: verdere afbouw van de korting vanaf 2027
De bijtellingsregels voor elektrische auto’s zijn niet alleen in 2026 aangepast, maar zullen de komende jaren verder veranderen. Vanaf 2027 stijgt het verlaagde bijtellingspercentage naar 20% over de eerste €30.000 van de cataloguswaarde. Deze stijging zet een trend van geleidelijke afbouw van fiscale voordelen voor elektrische auto’s in gang. Vanaf 2028 vervalt de korting volledig, waardoor elektrische voertuigen hetzelfde bijtellingspercentage van 22% betalen als auto’s met een verbrandingsmotor.
De overheid wil het fiscale speelveld op termijn gelijk trekken. Duurzaamheid blijft gestimuleerd via andere beleidsinstrumenten, maar het fiscale voordeel op het terrein van bijtelling neemt af. Voor zakelijke rijders biedt dit inzicht en ruimte om de financiële impact in de komende jaren goed te plannen.
Wat betekent dit voor ondernemers en zakelijke rijders
De bijtellingsgrens van €30.000 in combinatie met verschillende bijtellingspercentages brengt ondernemers voor nieuwe keuzes. Wie streeft naar maximale fiscale voordelen bij een elektrische auto, zal eerder geneigd zijn te kiezen voor een model binnen die cataloguswaarde. De lagere bijtelling drijft de interesse in betaalbare elektrische auto’s omhoog, terwijl luxere uitvoeringen relatief worden ontmoedigd door de hogere bijtelling op het deel boven €30.000.
Het blijft van belang om te beseffen dat de fiscale voordelen temporair zijn en de regelingen de komende jaren versoepelen richting een gelijkmatigere behandeling. Dit kan invloed hebben op langetermijninvesteringen en leasecontracten. Ondernemers die investeren in duurzame mobiliteit zullen daarom steeds vaker rekening moeten houden met de geleidelijke afbouw van fiscale voordelen.
Deze ontwikkelingen zullen het zakelijke rijgedrag beïnvloeden en fabrikanten zullen hierop inspelen met aantrekkelijkere, voordeligere elektrische modellen onder de bijtellingsgrens. Blijft u erop letten hoe de fiscale regels evolueren? Het is een spannende tijd voor wie zakelijk mobiel wil blijven en tegelijk duurzaam wil investeren.
Photo by CHUTTERSNAP on Unsplash
